Goed ontwerp tegen terrorisme

vrijdag 27 oktober 2017 Dick van Veen, Mobycon 0 reacties 386x gelezen

‘Barcelona, 17 augustus. Een auto rijdt de Ramblas op en rijdt veertien voetgangers opzettelijk dood. Verschrikkelijk, maar helaas niet nieuw na Nice, Berlijn, London, Stockholm, Jeruzalem. Het gebruik van een auto om angst te zaaien in de openbare ruimte begint bijna gewoon te worden.
Dick van Veen, Mobycon

Dick van Veen, Mobycon

De primaire tegenreactie is: afschermen. Veel overheden plaatsen blokkades en barrières in hun openbare ruimten, waarbij een goede inpassing of fraaie afwerking onderaan op de agenda staat. Het is de nachtmerrie van iedere stedenbouwkundige. Daarnaast is het de vraag of afschermen helpt. Want waar een wil is is een weg voor mensen met kwaad in de zin. En hoe haalbaar is het om iedere voetgangerszone, ieder trottoir en ieder plein af te zetten met paaltjes en blokken? 

 

Op dit gebied valt nog veel te leren in Nederland. In een ‘bedreigde’ stad als Washington D.C. zijn weinig permanente betonblokken te bekennen. Wel is er een ‘Urban Design and Security Plan’, een handboek openbare ruimte gecombineerd met veiligheidsaspecten. 

Straatmeubilair zoals lichtmasten en bankjes (hardened streetscape elements) doen dubbel dienst als aanrijbeveiliging. En ook New York kent creatieve oplossingen zoals ‘draaiende rotsblokken’ bij de Stock Exchange. Kunst gecombineerd met een dynamische wegafsluiting. En de ‘tigertrap’ in Battery Park maakt van een slappe bodem tussen de rijbaan en het voetgangersgedeelte een ‘valkuil’. 

 

Een extra dimensie in ‘afschermen’ is onze typisch Nederlandse aanpak om in woon- en verblijfsgebieden alle verkeer zo veel mogelijk te mengen. Van 30 km-zone en -woonerf tot sharedspacegebied, overal lijkt het ontwerp van de straat (terecht) gestoeld op het basisprincipe ‘dat men zich als weggebruiker verantwoordelijk gedraagt’. In hoeverre zetten we met deze aanpak de deur open voor aanslagen? Is het ontwerp van shared spaces in dit licht überhaupt nog wel wenselijk? 

 

Joost Vahl waarschuwde in de jaren zeventig al dat woonerven slechts goed werken ‘wanneer hard rijden fysiek onmogelijk wordt gemaakt’. Het afdwingen van lage rijsnelheden gaat verder dan het aanleggen van drempels. Het gaat om het ‘breken van de lineairiteit’. In de jaren tachtig en negentig zijn we dit blijkbaar vergeten; de 30 km-zones werden grootschaliger en rechter. In deze gebieden wordt ‘oog voor elkaar’ gebruikt als aanvullende snelheidsremmer. Hoewel dit zeker waar en onmisbaar is, blijft de fysieke omgeving van groot belang. Niet alleen voor terrorismedreiging, maar juist ook voor alledaagse verkeersveiligheid. De ruimte delen kan dus zeker, maar dan moeten we de ruimte wel zodanig inrichten dat de rijsnelheid vanzelf laag blijft.’ 

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

Meer blogs

Artikelen 101 tot 125 van 240

2 3 4 5 6 7

Artikelen 101 tot 125 van 240

2 3 4 5 6 7

Meer...

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.