Verstedelijking en mobiliteit in de marge van Noord- en Zuid-Holland

donderdag 5 april 2018 Joseph Evers 0 reacties 212x gelezen

Steeds meer mensen trekken naar een stedelijke omgeving, ook naar die van de provincies Noord- en Zuid-Holland. Bereikbaarheid van voorzieningen is van vitaal belang voor de kansen en het welzijn van mensen. Naast werken en studeren zijn ook cultuur en maatschappelijke deelneming belangrijke reismotieven van mensen. De belangrijkste activiteiten op dit gebied en in dit gebied zijn te vinden in Amsterdam, Haarlem, Leiden en Den Haag. De mogelijkheid om hieraan deel te nemen draagt dus ook bij aan het welzijn van de inwoners van Duin- en Bollenstreek.
Joseph Evers, emeritus hoogleraar operations research en logistiek TU-Delft, lid D66 Noordwijk

Joseph Evers, emeritus hoogleraar operations research en logistiek TU-Delft, lid D66 Noordwijk

De ambities van de beide provincies en die van de metropoolregio’s Rotterdam-Den Haag en Amsterdam om de trek naar de stedelijke omgeving op te vangen zijn niet mis: voor het jaar 2040 moeten er in de provincie Zuid-Holland 240.000 woningen bij komen, waarbij de werkgelegenheid en de sociale infrastructuren navenant moeten meegroeien.

 

Diverse bestuurlijke initiatieven zijn genomen en aanzienlijke fondsen zijn hiervoor beschikbaar gesteld. Metropoolregio Rotterdam-Den Haag is in dit verband het voorbeeld bij uitstek: diverse lightrailverbindingen zijn al aangelegd en er zijn ambities om het spoor van Leiden, Den Haag, Delft, Rotterdam, Dordrecht om te bouwen tot een metroachtige verbinding met frequente dienstverlening.  

 

Omgevingsvisies in Duin- en Bollenstreek 
Hoe verhouden deze ambities en plannen zich met die in de Duin- en Bollenstreek? Een analyse van de recent opgestelde omgevingsvisies van Noordwijk, Lisse en Hillegom (Teylingen en Oegstgeest sluiten aan bij andere gemeenten), geeft meer inzicht. De verschillende omgevingsvisies zijn onafhankelijk van elkaar opgesteld, maar vertonen veel overeenkomsten: de gemeenten willen hun groene, dorpse karakter behouden, maar ook hun economie versterken. Het belang van de stedelijke omgeving wordt algemeen onderschreven. In alle gemeenten doet zich, sterker dan gemiddeld, het verschijnsel vergrijzing en ontgroening voor. De automobiliteit blijft hoog scoren. De belang van OV wordt genoemd, maar weinig gespecificeerd. Specifieke kansen die beide metropoolregio’s bieden, blijven onvermeld.  

 

Reissnelheid en reistijd 
Een verklaring hiervoor ligt mogelijk in de algemeen bekende perceptie van reissnelheid en reistijd: de meeste mannen blijken een reistijd van drie kwartier retour om naar hun werk te gaan acceptabel te vinden. Langere reistijden worden steeds minder geaccepteerd: anderhalf uur is wel de grens. Vrouwen zijn kritischer: een half uur blijkt acceptabel, maar langer dan een uur ligt uit de gratie. Korte reistijden zijn dus de kritieke succesfactor voor het openbaar vervoer ten opzichte van de auto. Een analyse van de OV-reistijden tussen de Duin en Bollenstreek en de stedelijke omgevingen geeft aan dat deze reizen per auto binnen de kritieke grens van mannen en vrouwen vallen. Afgezien van Leiden en Den Haag, valt de reis per huidig OV erbuiten. En inderdaad, verreweg de meeste forensen uit Duin- en Bollenstreek reizen per auto.  
 
Een volstrekt andere opzet van het OV in deze streek zou dit plaatje kunnen veranderen en de reistijden per OV acceptabel maken. Uit een rekenexercitie met een gangbaar vervoerskundig rekenmodel blijkt dat zo’n opzet tijdens de spitsen op termijn zal leiden tot een verdubbeling van het OV-gebruik en meer. Praktisch gaat het om een intelligent systeem voor de inzet van bussen en de communicatie met reizigers en bussen. Een dergelijk vervoerssysteem zou superieur moeten zijn ten opzichte van de vastlopende automobiliteit. Dan ook zal een tweebaansweg, zonder vluchtstroken volstaan voor de noordelijke aansluiting van de N206 met Station Hillegom, de N208 en de N205. Brede vierbaanswegen passen immers niet in een duurzame, groene Duin- en Bollenstreek.  

 

Actief scenario

De analyse van de omgevingsvisies geeft ook aan dat in een passief scenario – het volgen van de omgevingsvisie - de automobiliteit voorop zal blijven staan. Anders gezegd: Om tot een alternatief voor automobiliteit te komen zou een actief scenario moeten worden gevolgd. Daarin zou sprake moeten zijn van een task force ‘Mobiliteit’ met een krachtig mandaat om het openbaar vervoer te hervormen. De norm daarin zou ‘concurrerende reistijden tussen de stedelijke band en de regio met de auto’ moeten zijn.

 

In samenhang met een sterk verbeterde bereikbaarheid van de spoorstations, zou deze task force mogelijk ook weten te bereiken dat de ‘metrolijn’ Dordrecht-Leiden (gesplitst) gaat doorlopen tot Schiphol en Amsterdam-Zuid en tot Haarlem en Amsterdam-Centraal, maar zonder te hoeven overstappen. Zij brengt daarnaast een online-systeem in bedrijf dat voorziet in flexibel OV dat is afgestemd op de verplaatsingsbehoeften. Duin- en Bollenstreek zou zo aantrekkelijk worden voor jonge gezinnen en jongeren: je vindt er ruimte, natuur, toegang tot onderwijs, cultuur en vooral toegang tot werk. De ‘ontgroening’ stopt. De vraag naar woningen neemt toe. De gebieden rond station Hillegom, Noordwijk Buiten en Voorhouts Noordelijke Randweg worden booming. En de gemeenten zullen ook zo hun gepresenteerde ambities waar maken. 

 

De vraag dringt zich op: Waar blijft de intergemeentelijke overeenstemming voor zo’n actief scenario?  

 

Klik hier voor de integrale versie van deze blog

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

Meer blogs

Artikelen 126 tot 150 van 255

3 4 5 6 7 8

Artikelen 126 tot 150 van 255

3 4 5 6 7 8

Meer...

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.