Een uitnodiging uit Berlijn

donderdag 27 juni 2019 Folkert Piersma 69x gelezen

Nederland is in Europa, en ook wereldwijd, koploper in het fietsgebruik van en naar stations. Lange tijd was er weinig belangstelling vanuit het buitenland hiervoor, maar in de afgelopen tien jaar zijn steeds meer delegaties bij ons op bezoek geweest en worden we gevraagd presentaties te geven op buitenlandse congressen of deel te nemen aan workshops en studiedagen.

De reis
Er zijn twee, in tijdsduur vergelijkbare treinverbindingen vanuit Nederland naar Berlijn. Ik vond het leuk om beide te ervaren. Op de heenweg stapte ik in de loop van de middag in Arnhem op de ICE (de Duitse hogesnelheidstrein) richting Frankfurt, waar ik in Duisburg een overstap maakte op de ICE naar Berlijn. Een overstaptijd van drie kwartier leek me niet bezwaarlijk, maar net in Duisburg aangenomen, werd omgeroepen dat mijn aansluitende trein om onbekende reden was uitgevallen. De volgende zou een uur later gaan.

 

Naam: Folkert Piersma
Woonplaats: Zwolle
Functie: Projectmanager Fietsparkeren bij stations voor ProRail
Project: Presentatie in Berlijn voor 'Allianz-pro-Schiene'

 

Her en der wat fietsen
Nadat ik mijn gereserveerde plek had overgezet, bekeek ik de stationsomgeving. De stallingsvoorzieningen waren schaars en eenvoudig. Her en der stonden wat fietsen tegen bomen of lichtmasten en de stallingen waren lang niet vol. De vervolgreis naar Berlijn verliep verder prima en om ongeveer half negen ‘s avonds kwam ik aan op Berlin Hauptbahnhof, waar ik met de metro en nog een stukje lopen mijn hotel bereikte.

 

Slechts een paar fietsen bij station Duisburg

 

Dialog-Workshop
De volgende ochtend startte ‘mijn’ workshop om 11 uur en had ik voldoende gelegenheid om vooraf kennis te maken met de organisatie. Ik sprak voor de 'Dialog-Workshop des Projekts Fahr-Rad-zum-Zug’. De deelnemers heb ik geprobeerd niet te overdonderen met onze aantallen fietsende treinreizigers en megastallingen die wij in Amsterdam en Utrecht aan het ontwikkelen zijn, maar meer het accent te leggen op onze ervaringen met het aanbieden van stallingvoorzieningen die ook echt worden gebruikt en gewaardeerd. Het advies om als fietser te denken en te ontwerpen is hierbij van groot belang. Tot slot heb ik iets laten zien van de innovatieve ontwikkelingen waarmee wij bezig zijn en gesproken over de uitdagingen waar wij nog tegenaan lopen.

 

"Wij hebben in Nederland enorme verschillen in het gebruik van de fiets naar stations van wel 20 tot 70 procent. Dit was een eyeopener voor onze oosterburen" 

 

Eyeopener voor onze oosterburen
Uit mijn gesprekken daar begrijp ik dat er in Duitsland al snel wordt gedacht in standaardiseringsmethodieken, op basis waarvan dan een soort catalogus kan worden gemaakt voor zo’n 10 stationstypes die elk hun specifieke oplossing voor het fietsparkeren zouden moeten hebben. Vanuit mijn praktijkervaring kon ik melden dat dit bij ons slechts voor een deel werkt. Een link tussen stationstype en stallingtype werkt weliswaar heel goed op onze kleine stations. Maar de omvang van deze stallingen is sterk afhankelijk van meerdere factoren. Je kunt dus niet een simpele koppeling maken tussen het aantal gebruikers van een station (in- en uitstappers) en het aantal noodzakelijk geschatte fietsparkeerplekken. Wij kennen in Nederland enorme verschillen in het gebruik van de fiets naar stations van wel 20 tot 70 procent. Dit was een eyeopener voor onze oosterburen.

Na afloop besprak ik met de organisatie welk effect mijn deelname nu echt heeft op de ontwikkelingen die in Duitsland op dit onderwerp gaande zijn. Ik twijfel daarover en stelde voor om met een kleine Duitse delegatie op bezoek te komen in Nederland om dan intensief hun uitdagingen in een dialoogsessie te bespreken en verder uit te werken. In mijn beleving kan dat meer opleveren dan alleen een presentatie en het beantwoorden van vragen in deze vorm. Dit wordt in overweging genomen.

 

Contrast
De terugreis met de langzamere, maar wel directe en comfortabele intercity Berlijn- Amsterdam, verliep probleemloos. Opmerkelijk dat er bij de Nederlandse grens een Nederlandse locomotief voor de trein moet komen. Dit kost een kwartiertje en dan voel je je toch even teruggeworpen in de tijd. Een groot contrast met de hectiek en de moderne architectuur van het majestueuze Berlin Hauptbahnhof, waar die middag mijn treinreis naar huis begon. Na één overstap in Hengelo, was ik die avond rond 11 uur weer thuis in Zwolle.

 

"Er zijn twee, in tijdsduur vergelijkbare treinverbindingen vanuit Nederland naar Berlijn en ik vond het leuk om beide te ervaren."

 

Programma Fietsparkeren

Piersma: “ProRail voert sinds 1999 het Programma Fietsparkeren bij stations uit, namens het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Met mijn team, projectpartners NS, gemeentes en provincies hebben we op veel grote stations de stallingcapaciteit- en kwaliteit al fors uitgebreid en verbeterd. Zo waren er in 1999 circa 200.000 stallingsplekken bij de stations, nu zijn dat er bijna 500.000. Daarnaast ging bij de start van het programma ongeveer 30 procent van de treinreizigers met de fiets naar het station, nu loopt dat richting de 50 procent.”

Reis door de wereld

Nedelandse verkeerskundigen over hun belevenissen in het buitenland

Artikelen 21 tot 25 van 47

2 3 4 5 6 7

Artikelen 21 tot 25 van 47

2 3 4 5 6 7

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.