'Ik verwacht andere mobliteitsconcepten'

woensdag 11 april 2012 144x gelezen

Marco van Eenennaam, ANWB

Marco van Eenennaam, is bij de ANWB het aanspreekpunt voor ‘elektrisch’. In die rol trekt hij ook op met het Formule E-team en maakt daarmee deel uit van ‘het aanjaagcentrum’ voor markt, overheid en de consument. Aan hem de vraag: wat is de stand van zaken rond elektrisch?

 

Van Eenennaam: ‘We staan aan de vooravond van een grote ontwikkeling. Niet persé die van de batterij-auto, maar van de elektromotor. Die kan gevoed worden gevoed door een batterij; maar ook via een range extender. Bijvoorbeeld een dieselaggregaat of een brandstofcel. Je ziet nu een grote vraag naar batterijen, naar grondstoffen daarvoor, naar nieuwe automodellen en naar een commerciële productie-infrastructuur voor fabrieken. Maar dan’, benadrukt Van Eenennaam, ‘heb je alleen nog de auto. Vervolgens moet de berijder er nog mee leren omgaan en de eigenschappen accepteren. En, er is een betrouwbare  oplaadinfrastructuur nodig.’

 

‘De ontwikkelingen gaan razendsnel, maar toch staan we nog aan het begin. De auto-industrie levert de eerste modellen, maar die zijn duur en de batterijen hebben een bereik van 180 km. Dat is nog niet optimaal. De eerste elektrische Audi A1 – nu nog studiemodel – rolt waarschijnlijk pas in 2014 van de band. Er zit namelijk een hele tijd tussen ontwerp en commerciële productie.’

 

‘In Nederland bereiden we het elektrisch vervoer voor met een oplaadinfrastructuur en noodzakelijke regelgeving. ‘Europa’ werkt aan een stekkerstandaard en een laadprotocol. Belangrijk, want nu we binnen Europa grenzenvrij zijn, zou het te gek zijn als je met je e-auto in het eerste buurland al niet meer kunt opladen. Afspraken over standaarden voorkomen dat gemeenten desinvesteringen doen. Tegelijkertijd wil je voorkomen dat gemeenten wachten tot er in breed verband bindende afspraken zijn. Daarom heeft het Formule E-team nu al wel een nationaal laadprotocol afgesproken waarbij de ‘Mennekesstekker’ (zie coverfoto - red.) als standaard wordt genomen. Van Eenennaam verwacht dat Europa beide standaarden overneemt.’

 

Grote klap

‘Onze nationale doelstelling om 10.000 publieke oplaadpunten te installeren voor het eind van dit jaar loopt helaas wel wat vertraging op. Deze palen komen in de publieke ruimte en je ziet dat de ene gemeente daarin voorop loopt – Amsterdam heeft de helft van alle oplaadpalen in Nederland geplaatst – maar de andere wacht. Begrijpelijk, want er zijn nogal wat vragen: wie pakt de kosten, wat is het verdienmodel, wie levert de stroom, wat is de rol van de netbeheerder en de energieleveranciers?’ Naast de publieke oplaadinfrastructuur noemt Van Eenennaam de private oplaadontwikkeling als zeer belangijk. ‘We hebben de omvang van deze ontwikkeling nog niet goed in beeld, maar er kan een grote klap gemaakt worden als bedrijven en particulieren hiermee aan de slag gaan. De ontwikkeling van de e-auto in Nederland hangt nu vooral op de uitrol van oplaadinfrastructuur.’

 

Acceptatieproces

De ANWB speelt een logische rol in ‘elektrisch’, zegt Van Eenennaam. ‘Deze ontwikkeling bepaalt in belangrijke mate de toekomst. Immers, de olie raakt op, we willen het milieu ontzien en de e-auto kan dienen als buffer om het stroomnet operabel te houden. Als er e-auto’s op de markt komen, ligt er een rol voor de ANWB om die auto goed onder de aandacht van de consument te brengen en andersom. Let wel, deze consument rijdt nu in een auto die hem maximale vrijheid geeft. In dat beeld past de e-auto nog niet. Je ziet wel dat je in 2 jaar tijd al veel meer e-auto krijgt voor hetzelfde geld, maar er blijven factoren waar de consument echt mee moet leren leven, zoals laden en actieradius. De bond wil dit acceptatieproces versnellen. Om te beginnen door zelf een stap te maken: ‘practice what you preach’. We hebben negen elektrische scooters aangeschaft voor allerlei technische en gebruikerstesten. Ook zijn de eerste twee (van zes) elektrische poolauto’s voor het personeel gearriveerd en zijn er bij het hoofdkantoor 14 oplaadpunten aangelegd. Als jongste wapenfeit, besloot de ANWB recent om een deel van haar maatschappelijk rendement (50 procent winstdeel dat wordt teruggegeven aan de maatschappij) te besteden aan snellaadpalen. Om te beginnen worden de zes servicestations van de Wegenwacht uitgerust met snellaadpalen. Daarnaast onderhandelt de bond over plaatsing op publieke plekken. Ook start de ANWB dit jaar met een aantal uren ‘elektrisch rijden’ in de rijopleidingen, waarbij nieuwe autobestuurders naast de techniek ook ervaren hoe het is om met een geruisloos voertuig aan het verkeer deel te nemen. Met al deze maatregelen doet de bond zelf noodzakelijke kennis en ervaring op om in de komende jaren een relevante vereniging te zijn en als pechhulporganisatie garant te staan voor professionele hulp aan gestrande e-auto’s.

 

Wat rijdt Van Eenennaam zelf? Schoorvoetend noemt hij een conventioneel automerk. Hij schaft een e-auto aan wanneer zijn werkgever dat mogelijk maakt of de auto betaalbaar wordt, maar eigenlijk verwacht hij nieuwe mobiliteitsconcepten. ‘Nu heb je één auto waar je alles mee doet. We gaan er naartoe dat je de e-auto gebruikt voor een deel van de verplaatsingen en andere voertuigen of modaliteiten voor andere; afhankelijk van infrastructuur en bereik.’

Inhoud laatste dossier

De verkeerskundige

Naar alle eerdere dossiers

Meer artikelen over Wegontwerp

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Artikelen 1 tot 5 van 62

1 2 3 4 5 6

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2019 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.