Rijstrookwisselgedrag scherper in beeld

Rijstrookwisselmodellen moeten rekening houden met vier soorten rijstrookwisselingen

vrijdag 23 december 2016 Marco de Baat, TU Delft/ITS Edulab, Victor Knoop, Serge Hoogendoorn, TU Delft, Henk Taale, Rijkswaterstaat 0 reacties 353x gelezen

Hoe realistischer microscopische simulatiemodellen, hoe beter ze helpen bij de analyse en het management van verkeerssystemen. Dit soort modellen maakt gebruik van een volgmodel voor longitudinaal gedrag (in de rijrichting) en een rijstrookwisselmodel voor lateraal gedrag (in de zijrichting) op (snel)wegen. Recent onderzoek onderscheidt vier soorten rijstrookwisselgedrag en verkent de verdeling van deze gedragingen over de totale groep gebruikers .
Shutterstock

Shutterstock

Huidige rijstrookwisselmodellen kunnen nog niet al het gedrag dat is waargenomen in de realiteit simuleren. Een recent afstudeeronderzoek geeft hierover meer informatie. Het onderzoek toont aan dat bestuurders op snelwegen vier verschillende rijstrookwisselstrategieën toepassen:

1. Snelheid leidend: Bestuurders bepalen hun wenssnelheid en proberen met die snelheid te blijven rijden. Als ze een langzamere bestuurder tegenkomen in hun rijstrook dan zullen ze van rijstrook wisselen om hun snelheid te behouden.

2. Snelheid leidend met snelheidsverhoging: Deze strategie lijkt op de ’Snelheid leidend’ strategie, echter bestuurders verhogen hun snelheid bij het inhalen van anderen.

3. Rijstrook leidend: Bestuurders kiezen een rijstrook op basis van hun relatieve snelheid en passen hun snelheid naar de andere voertuigen in die rijstrook aan.

4. Verkeer leidend: Bestuurders hebben geen voorkeur voor een rijstrook of snelheid, maar passen zich aan aan de snelheid van hun medeweggebruikers. Dit kunnen de langzamere, maar ook de snellere bestuurders zijn.

Kwantificatie
Een simulatiemodel waarin deze vier strategieën zijn opgenomen, is ontwikkeld, maar kan nog niet toegepast worden in de praktijk, omdat de vier strategieën kwantificatie vereisen en de instellingen van de strategieën nog gekalibreerd en gevalideerd dienen te worden. Het voornaamste doel van dit onderzoek was daarom om de toepassing van deze vier strategieën te kwantificeren. Specifieker, hoeveel bestuurders passen elk van de vier strategieën toe, en welke factoren hebben invloed op de verdeling van bestuurders over deze strategieën?

Online enquête met 1258 respondenten
Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van een literatuurstudie, een veldtest in combinatie met interviews, en een online-enquête. Inzichten uit het literatuuronderzoek werden gebruikt om een geschikte veldtest en enquête neer te zetten. In totaal namen 34 bestuurders deel aan de veldtest, die in februari 2016 is gehouden. Het rijonderzoek bestond uit drie onderdelen: een proefrit, een achtergrondinformatie-enquête en een interview. De deelnemers startten met een route over een aantal snelwegen rond Delft in een met camera’s uitgeruste personenauto. Direct na de proefrit werd het interview gehouden met ondersteuning van de camerabeelden. Het doel van het interview was om erachter te komen welke rijstrookwissel­strategieën een bestuurder toepast, en wat de verschillende motieven zijn om deze strategieën toe te passen.

De enquête is online verspreid via verschillende kanalen en heeft in totaal 1258 reacties ontvangen vanuit Nederland. De enquête bestond uit 14 verkeerssituaties die beschreven werden door een korte video, waarna de respondenten moesten aangeven wat zij zouden doen met betrekking tot hun rijstrook en snelheidskeuze. Verschillende meerkeuzeantwoorden werden gegeven, maar respondenten kregen ook de optie hun eigen antwoord te formuleren.

Standaard strategie: snelheid leidend
De resultaten laten zien dat de meeste bestuurders, 90 tot 95 procent, een van de twee snelheid leidend-strategieën toepassen. Zij kiezen dus een voorkeurssnelheid en proberen daarmee te blijven rijden door van rijstrook te wisselen als het nodig is. Ongeveer 5 tot 10 procent geeft aan eerst een rijstrook te kiezen en hun snelheid aan te passen aan andere bestuurders in die rijstrook.

Wisseling van strategie
Echter, de resultaten geven ook weer dat er bepaalde verkeerssituaties zijn waarbij een significant aandeel van de bestuurders van strategie wisselt. Als bestuurders een afslag moeten nemen binnen afzienbare (3 km) afstand, zijn er veel die op de meest rechterrijstrook blijven rijden en hun snelheid aanpassen aan hun voorganger. Tegelijkertijd zijn er ook mensen die enkel de middelste en rechterrijstrook gebruiken en slechts een klein deel rijdt in dat geval nog steeds volgens de snelheid leidend-strategie.

Verder houdt een behoorlijk aandeel van de bestuurders niet rechts wanneer dat mogelijk is, ondanks dat er een rechts-rijden-regel geldt in Nederland. Niet rechts houden kan gezien worden als rijstrook leidend-gedrag. Hoewel ook het verbod op rechts inhalen van toepassing is, geeft 15 tot 20 procent aan andere bestuurders rechts in te halen.

Als laatste punt geeft 83 procent aan medewerking te verlenen aan voertuigen op de invoegstrook door ruimte te creëren. De overige 17 procent vindt dat het invoegende voertuig zich aan hen moet aanpassen.

Kanttekeningen
Er moet vermeld worden dat de resultaten niet laten zien hoe vaak een bestuurder een bepaalde strategie toepast. De verkeerssituaties die zijn opgenomen in de enquête zullen niet even vaak voorkomen in de praktijk. Verder lokken interviews en enquêtes sociaal wenselijk gedrag uit, wat invloed zal hebben op de betrouwbaarheid van de resultaten. Helaas is het niet mogelijk te bepalen in hoeverre dit is voorgekomen in deze enquête, omdat de verschillen die zijn gevonden in de validatie, waarin de resultaten van het rijonderzoek en de enquête met elkaar zijn vergeleken, uiteenlopende verklaringen kunnen hebben. Verschillen kunnen onder andere optreden doordat bestuurders nooit precies hetzelfde reageren in eenzelfde situatie.

Conclusie
De resultaten laten zien dat een deel van bestuurders eerst een rijstrook kiest en dan hun snelheid. Verder passen bestuurders vaak een combinatie van strategieën toe, en resulteren de verkeerssituaties in verschillende verdelingen van de respondenten over de strategieën.

Om in modellen te veronderstellen dat alle bestuurders hun rijstrook kiezen op basis van hun snelheid is dus niet correct. Rijstrookwissel­modellen zouden verbeterd kunnen worden door de vier strategieën te implementeren. Echter, in de meeste gevallen zal dit niet gedaan kunnen worden door een eenvoudige aanpassing van instellingen, maar door de conceptuele werking te herzien.

Verder onderzoek kan gedaan worden naar hoe vaak bestuurders de strategieën toepassen, en hoe strategie-gebaseerd rijstrookwisselgedrag wordt toegepast op snelwegen met meer dan drie rijstroken.

Nationaal en internationaal rijstrookwisselgedrag
In dit onderzoek is al een verkennende analyse gedaan naar verschillen tussen enerzijds Nederlandse en anderzijds Zwitserse en Amerikaanse bestuurders. Deze vergelijking heeft verschillen in rijgedrag tussen de nationaliteiten aangetoond. Echter, de steekproefgrootte van de niet-Nederlandse nationaliteiten is niet groot genoeg om conclusies over de populatie te trekken. Daarom is meer onderzoek nodig in de vorm van een uitgebreidere vergelijking van rijgedrag tussen nationaliteiten met toereikende steekproefgroottes.

Dit artikel is gebaseerd op een onderzoeksrapport dat in het kader van het afstuderen bij ITS Edulab is opgesteld.

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

vakartikelen

Artikelen 1 tot 20 van 56

1 2 3

  • Amsterdam brengt 'Walkability' van de stad in beeld Hoe bereken je de beloopbaarheid, ofwel de walkability, van een stad? Julia Ubeda van onderzoeksbureau SpacesTraces bestudeerde deze vraag en ontwikkelde voor de gemeente...
  • Combi fiets+ov kan sterker Nederlanders gebruiken op bijna de helft van hun treinreizen de fiets om van en naar het station te reizen, maar er is nog maar weinig inzicht in de factoren die de vraag naar...
  • Harry Timmermans: 'Uitwisseling wetenschap en praktijk motiveert champions' In een serie gesprekken verkent Verkeerskunde het wetenschappelijk kennisveld. Hoe houden wetenschappers hun kennis op peil en hoe brengen zij hun kennis naar de praktijk? Waar...
  • Hoe stil kan een straatsteen zijn? Binnen de bebouwde kom is een elementenverharding, ook wel klinkerverharding, een veel voorkomend wegdektype. Stenen geven een straat een karakteristieke uitstraling, maar staan...
  • Afteller is nog beter geworden Een afteller tot groen bevordert de doorstroming, zo bleek in 2009 na de eerste afteller-pilot in ’s-Hertogenbosch. Weggebruikers bleken enthousiast en de gemeente plaatste er...
  • Activiteitenpatronen in zelfrijdende auto Met de komst van de zelfrijdende auto kunnen gebruikers onderweg activiteiten uitvoeren waarvoor ze voorheen op locatie moesten zijn. Het effect van deze verandering in het...
  • Eerste MKBA van een niet-infraproject: Fietsimpuls Met een toegespitste gedragsaanpak worden werknemers/forenzen van bedrijven die zijn aangesloten bij Maastricht Bereikbaar sinds zes jaar gemotiveerd om vaker te fietsen naar...
  • Van B naar Anders, investeren in mobiliteit voor de toekomst Op 23 mei presenteerde de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (RLI) het advies: ‘Van B naar Anders’. Aan dit advies liggen twee essays ten...
  • Team Voetganger wint strijd om de ideale modaliteit Het enthousiasme was groot tijdens de tweede editie van Battle of the Modes. In de Bossche Verkadefabriek namen vier modaliteitenteams (openbaar vervoer, auto,...
  • 'Begin met hubs in de buurt' Hij richtte op zijn twintigste een stichting op die een toekomst biedt aan kinderen die in Argentinië onder de armoedegrens leven en organiseerde...
  • Eric van Berkum: ‘Meer ruimte voor nuance en reviews van vakliteratuur’ In een serie gesprekken verkent Verkeerskunde het wetenschappelijk kennisveld. Hoe houden wetenschappers hun kennis op peil en hoe brengen zij hun?kennis naar de praktijk? Waar...
  • 'Iedere verkeersdeelnemer komt weer veilig thuis' Op 26 april werd de nieuwe Visie Duurzaam Veilig Wegverkeer 2018-20130, DV3, gepresenteerd tijdens het Nationaal Verkeersveiligheidscongres NVVC. Wat is de belofte, de ambitie...
  • De case Merwedekanaalzone Utrecht zal rond 2025 meer dan 400.000 inwoners tellen, 17 procent meer dan nu. De gemeente kiest er voor om deze groei binnen de bestaande stadsgrenzen op te vangen, onder...
  • 'Stop verkeersslachtoffers door mobielgebruik' De ouders en advocate van Yannick Frijns namen op 26 april de Nationale Verkeersveiligheidsprijs 2018 in ontvangst tijdens het Nationaal...
  • Controle over opvolgtijden buslijnen Vervoerders sturen bij variaties in de busdiensten vooral op punctualiteit. Dit is mede ingegeven door punctualiteitseisen in de concessies. Maar bij hoogfrequente lijnen is,...
  • Landbouwverkeer: meer boetes of meer veiligheid? Landbouwvoertuigen zijn groot en zwaar en rijden langzamer ten opzichte van andere motorvoertuigen, maar juist sneller ten opzichte van fietsers, joggers en wandelaars. Dat...
  • Virtual Reality-technologie dient ook als ijsbreker Een studie naar de beste ontwerpkeuzes voor fietsroutes in het kader van Slimme en Gezonde Stad in pilotstad Schiedam bood de mogelijkheid om Vitual Reality-technologie (VR) als...
  • Benchmark gezonde steden Een Brede Coalitie van Natuur & Milieu, Milieudefensie, Fietsersbond, Longfonds, Wandelnet, Rover en Mens en Straat, wil graag dat de nieuwe coalities die in gemeenten...
  • Wat levert MaaS op? Door alle (voorspelde) technologische ontwikkelingen wordt Mobility as a Service, MaaS een grote toekomst toegedicht. De flexibiliteit die MaaS biedt in het vervullen van...
  • Bert van Wee: Waarom geen factcheckrubriek? In een serie gesprekken verkent Verkeerskunde het wetenschappelijk kennisveld. Hoe houden wetenschappers hun kennis op peil en hoe brengen zij hun?kennis naar de praktijk? Waar...

Artikelen 1 tot 20 van 56

1 2 3

Overzicht alle vakartikelen

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2018 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.