R-LINK bestudeert link tussen stedelijke ambities en inclusiviteit van onderop

vrijdag 25 augustus 2017 Ymkje de Boer, NWO 0 reacties 44x gelezen

Steden staan bol van kleinschalige initiatieven waarin bewoners, ondernemers, lokale overheden en andere partijen met elkaar samenwerken om bijvoorbeeld buurten te verduurzamen of oude industrieterreinen nieuw leven in te blazen. Hoe kan gebiedsontwikkeling door kleinschalige initiatieven worden bevorderd, terwijl tegelijkertijd grootschalige stedelijke ambities en maatschappelijke opgaven worden gerealiseerd? Project R-LINK onderzoekt hoe dit in de praktijk gebeurt.

Eén van de veertien projecten die R-LINK bestudeert is het mobiliteitsinitiatief Vinkmobiel, waarin zorginstanties, een wijkvereniging en een vervoersbedrijf samenwerken.

Eén van de veertien projecten die R-LINK bestudeert is het mobiliteitsinitiatief Vinkmobiel, waarin zorginstanties, een wijkvereniging en een vervoersbedrijf samenwerken. (Copyright: R-LINK)

Nederland heeft een gedegen traditie in gebiedsontwikkeling. Denk daarbij niet alleen aan de drooglegging van natte gebieden, aan dijken en aan kustwerken, maar ook aan stedelijke projecten als de Vinex-wijken, de Kop van Zuid in Rotterdam en de IJ-oevers in Amsterdam. De samenwerking met vele partijen, de variatie in schaal en de bereidheid tot experimenteren, vormen onderdeel van deze traditie die - in internationaal perspectief – tot een goed ingerichte ruimte heeft geleid. Maar het kan nog beter!

 

Stevige opgaven

De gebiedsontwikkeling en bouw maken een transitie door en moeten energiezuiniger, klimaatbestendiger en meer circulair worden. Het aanpakken van leegstand, verstedelijking, de balans tussen stad en platteland, gezonde stedelijke milieus voor alle inwoners en de bereikbaarheid van steden vormen de belangrijkste strategische opgaven. Overheden, markt en samenleving werken al veel samen en dat zal toenemen. Burgers willen en moeten meebeslissen over hun leefomgeving en daarin zelf een rol spelen. Overheden krijgen mede daardoor ook een andere rol.

 

Veertien initiatieven

R-LINK volgt veertien Nederlandse gebiedsontwikkelingsprojecten gedurende een aantal jaren. Een multidisciplinair team van onderzoekers beschrijft en analyseert de samenwerking tussen overheden, bewoners en marktpartijen. Het team bestudeert wanneer nieuwe initiatieven slagen, welke condities daaruit zijn af te leiden en hoe deze zich verhouden tot strategische opgaven. Ook buitenlandse voorbeelden van London, Portland en New York worden in het onderzoek betrokken.

 

Vinkmobiel

Eén van de initiatieven betreft Vinkmobiel, bedacht door zorginstanties, een privaat vervoerbedrijf en een wijkvereniging, om eenzaamheid en mobiliteitsbeperkingen van ouderen en anders minder mobiele bewoners van de wijk Vinkhuizen in Groningen te bestrijden. De Vinkmobiel maakt korte afstanden (3-6 km) bereikbaar met elektrisch vervoer op afroep en is bedoeld voor bewoners die slecht ter been zijn of geen familie hebben om ze naar de bingo of de kapper te brengen. Dit mobiliteitsinitiatief draagt tegelijkertijd bij aan andere maatschappelijke vraagstukken, onder meer door langdurige werklozen in Groningen op te leiden en als chauffeurs in te zetten.

 

Andere casussen betreffen onder meer de Buiksloterham en het Marineterrein in Amsterdam en het Ebbingekwartier en het Suikerunieterrein in Groningen. Naast zelfbouwinitiatieven vallen ook energieprojecten en groen-/tuinprojecten onder de veertien projecten die R-LINK bestudeert.

 

Relaties en spelregels

De onderzoekers over de initiatieven: ‘Gesprekken met de samenleving laveren nu vaak tussen het onvermogen, het ongedachte en de nieuwe, te benoemen acties en de angst voor ongewenste groepen en voorzieningen. Bottom-up-initiatieven met een ruimtelijk en vaak ook sociaal doel kunnen uitersten verbinden. Gebiedsontwikkeling heeft een lange adem nodig en is vaak erg adaptief. Dat betekent dat het vertrouwen in elkaar in stand moet blijven. Persoonlijke relaties zijn daarom heel belangrijk. Ook hebben we nieuwe spelregels nodig. Daar wordt nu volop mee geëxperimenteerd, onder meer via het sluiten van convenanten. Hierin worden kwesties beslecht als ‘Aan wie komt de ontwikkeling ten goede?’ en ‘Hoe wegen we dit belang in dit toekomst?’.’

 

Het consortium van R-LINK

R-LINK is een samenwerkingsverband van kennisinstellingen, overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties op het gebied van ruimtelijke kwaliteit. De betrokken kennisinstellingen zijn Wageningen University & Research, Rijksuniversiteit Groningen, Universiteit van Amsterdam, Hogeschool van Amsterdam, Hanzehogeschool Groningen en AMS Institute. Andere betrokken partijen zijn Gemeente Amsterdam, Gemeente Groningen, Marineterrein Amsterdam, Amsterdam Economic Board, Antea Group, Rijckenberg Advies Stedelijke Ontwikkeling D&D, Metabolic, De Boeletuin, Pakhuis de Zwijger en Tertium (projectmanagement en disseminatie).

 

Over SURF

In het onderzoeksprogramma Smart Urban Regions of the Future, SURF, werken consortia van onderzoekers en praktijkpartijen aan vraagstukken rond ruimte, wonen, bereikbaarheid, economie en bestuur. In 2016 zijn vijf grote projecten van start gegaan, waaronder R-LINK. SURF valt onder het kennisinitiatief VerDuS, Verbinden van Duurzame Steden van NWO, het Rijk, Platform31 en Regieorgaan SIA.

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

Wetenschapsnotities

In het NWO-progamma Duurzame Bereikbaarheid van de Randstad, DBR, worden academische onderzoeksgroepen uitgedaagd hun visie te geven op wat nodig is voor duurzame bereikbaarheid van de Randstad. Zij vertalen hun bevindingen in praktische notities. In de komende maanden verschijnen meerderer notities van DBR, die u op deze site kunt lezen.

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2017 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.