Tjerk van Impelen, Stationsgebied Utrecht: 'Van verkeerskundige naar gedragsdeskundige’

donderdag 22 december 2016 Nettie Bakker 141x gelezen

Tjerk van Impelen, Voorlichter Stationsgebied Utrecht CU2030: 'Onder de indruk van gedurfde verkeerskundige maatregelen die ook werken'
Tjerk van Impelen, Voorlichter Stationsgebied Utrecht CU2030

Tjerk van Impelen, Voorlichter Stationsgebied Utrecht CU2030

De Utrechtse stationsomgeving, een gebied zo groot als 126 voetbalvelden, wordt doorkliefd door de brede spoorbundel van Utrecht CS, die de stad verdeelt in een ‘Centrumzijde’ en ‘Jaarbeurszijde’. Deze barrière, evenals de imago’s van beide spoorzijdes veranderen gaandeweg door gedurfde verkeerskundige maatregelen en een volstrekt nieuwe visie op stad en spooromgeving.

Tjerk van Impelen is voorlichter en woordvoerder voor de ontwikkelingen in de Utrechtse stationsomgeving. Al acht jaar werkt hij samen met een professioneel team, waaronder architecten, vastgoedexperts en ook verkeerskundigen.
‘We ontwikkelen een levendig, duurzaam en multifunctioneel stadscentrum op en rond het spoorgebied dat de stad niet meer verdeelt, maar juist verbindt. Met dit project geven we vorm aan wat we noemen: gezonde verstedelijking. De focus ligt op een inzichtelijk en overzichtelijk stadsgebied voor wonen, werken, bewegen, verplaatsen en uitgaan.’

In 2007 startte de eerste bouwplaats voor het winkel- en appartementengebouw ‘De Vredenburg’. Dit project moest gebouwd worden ‘met de winkel open’ tussen het Vredenburgplein en een busbaan. Een verkeerskundig ingewikkelde werksituatie. In een stationsomgeving kun je het verkeer nu eenmaal niet stilleggen voor bouwwerkzaamheden. Alle vervoerstromen gaan gewoon door, inclusief de dagelijkse woon-werkspitsen. Toch moesten voet- en fietspad aangepast worden en bushaltes tijdelijk wijken voor de bouw. Het komt dan aan op creatieve oplossingen. Zo werd er een weekendfietsenstalling geopend op het bouwterrein, met de voorwaarde dat alle fietsen op maandagochtend ook echt weer weg moesten zijn.

Dat was een complexe oefening voor nog grotere en complexere uitdagingen die volgden en nog zullen volgen. ‘Momenteel staat winkelcentrum Hoog Catharijne in de steigers dat uiteindelijk met een glazen gedeelte (de Stadskamer) over het water van de nieuw te openen Catharijnesingel zal hangen. Een singel die nu nog deels de vorm heeft van een meerstrooks-stadssnelweg uit de jaren 70 die in feite nooit is afgemaakt, omdat de resterende Stadsbuitengracht aan de beide einden van dit snelwegdeel de status kreeg van beschermd stadsgezicht. Dit wegvak gaat dus van smal naar breed naar smal. Om die reden is de singel ter hoogte van Hoog Catharijne zomaar 8 stroken te breed en kan het water in de singel weer terug komen’.

Veel tussentijdse opleveringen maken de stad stukje bij beetje ‘leuker, leefbaarder en gezonder’. ‘Mensen willen graag een stip aan de horizon, zegt van Impelen, ‘daarom hebben we een einddatum, 2030. Maar is een stad ooit af? In 2030 heb je weer een nieuwe werkelijkheid als het gaat om wonen, werken, bewegen en beleven in een groeiende stad. Waarschijnlijk zijn er dan weer nieuwe opgaven.’ Een kenmerkend project voor ‘gezonde verstedelijking’ is ‘het Platform’, eerst het ‘Zuidgebouw’ en door de ontwikkelaar ook wel een ‘Microcity’ genoemd: een complex met meerdere stadsfuncties in één gebouw: wonen, werken, bewegen en horeca, bovenop de nieuwe tramlijn naar de Uithof.

Welke rol speelt de verkeerskundige in dit geheel?
Van Impelen: ‘Ik werk nu zo’n acht jaar onder andere samen met Peter Koolhaas (zie tekst linksonder), die als verkeerskundige adviserend optreedt en met verrassende oplossingen komt. Ik was bijvoorbeeld onder de indruk van een ‘om-en-om-rijstrookregeling op de Catharijnesingel, toen er ruimte moest komen voor sloopwerkzaamheden. Een gedurfd, maar vooraf goed doordacht voorstel, dat - tegen sommige verwachtingen in - ook goed werkte.

Deze verkeerskundige adviezen zijn in de komende jaren nog van groot belang. Immers, vroeger wilde iedereen met de auto tot voor de deur van het station komen en dat wil iedereen nu ook met de fiets. Daarnaast hebben we te maken met verschillende reizigersstromen in de stationsomgeving. We krijgen, mede door de multifunctionele ontwikkeling van het stationsgebied, te maken met zowel stationsreizigers als met voorzieningenreizigers en met doorgaande stadsreizigers. Dat vraagt om de juiste routes en in- en uitgangen voor iedere reiziger. Neem de nieuwe fietsenstalling onder het nieuwe Stationsplein, die krijgt zowel de functie van stalling - de grootste ter wereld - als van (snel)fietsroute door een fietstunnel.

Om in deze complexe omgeving te komen tot goede ontwerpen moet je ter plekke waarnemen wat er gebeurt en duiden wat dit voor de verschillende verkeerstromen betekent. Verkeerskundigen worden in deze opgave meer gedragsdeskundigen. Zij bedenken comfortabele en aantrekkelijke wegen en routes die passen bij het gedrag van verschillende vervoerstromen van en naar de omgeving.

Ik vermoed dat ik in dit project al te maken heb met de verkeerskundige nieuwe stijl: een professional die zich verdiept in het gedrag van reizigers. Niet alleen door de situatie ter plekke te bestuderen en te beoordelen, maar ook door mee te gaan naar bewonersbijeenkomsten en de wensen en problemen te inventariseren. En die wensen ten slotte te vertalen in maatregelen en oplossingen die bijdragen aan een gezonde verstedelijking. Het gaat dan niet meer om een weg aanleggen van A naar B maar om de vraag: hoe zorg je ervoor dat deze verbinding bijdraagt aan een gezonde stad?’

deskundigen aan het woord

Artikelen 1 tot 12 van 13

1 2

Artikelen 1 tot 12 van 13

1 2

Verkeerskunde is een uitgave van ANWB.
© 2017 www.verkeerskunde.nl - alle rechten voorbehouden.