De speed pedelec: onterecht op het strafbankje
woensdag 2 oktober 2019
timer 4 min

Er rijden er volgens recente CBS-cijfers ongeveer 17.000 van rond in Nederland: speed pedelecs. Voor wie het nog niet wist, fietsen met een elektrische ondersteuning tot 45 km/uur. Sinds 1 juli 2017 met een geel (brommer)kenteken en de bijbehorende rechten en plichten.

Dat laatste houdt onder andere in dat de speedpedelecrijder zich naast het fietspad op de rijbaan tussen het autoverkeer moet begeven. En dat terwijl een groot deel van deze fietsers helemaal geen 45 km/uur kán of wíl rijden. Gevolg is dat ongeveer 40 procent gewoon altijd op het fietspad gaat rijden. En nog eens 35 procent doet dat op specifieke weggedeelten omdat het rijden op de rijbaan simpelweg als te onveilig wordt ervaren. Dit alles onder dreiging van een boete van 95 euro die in de praktijk, zo blijkt, wel degelijk wordt uitgedeeld.

En dat terwijl deze fiets bij uitstek geschikt is om de forens duurzaam uit zijn auto te halen op afstanden tussen 20-40 km enkele reis. Dat blijkt ook in de praktijk. Veel speedpedelecrijders laten structureel hun auto staan of doen een tweede auto de deur uit. De ‘beloning’ die de wetgever hiervoor heeft bedacht is om deze mensen óf Artikel 5 van de Wegenverkeerswet te laten schenden - … een ieder verboden zich zodanig te gedragen dat een gevaar op de weg wordt veroorzaakt …-, óf onder dreiging van een boete dan maar op het fietspad te laten rijden, omdat dat in veel situaties eenvoudigweg de veiligste optie is. Wat moet een fiets met 30 km/uur immers tussen auto’s op wegen waar de V85 boven de 50 km/uur ligt, soms zelfs met dubbele rijstroken?

Waarom mag een Porsche met een topsnelheid van 230 km/uur wél op een woonerf rijden en een fietser die eventueel 45 km/uur kan rijden niet met aangepaste snelheid op een fietspad rijden?

Twee provincies, Gelderland en Groningen, hebben deze patstelling doorbroken en onder specifieke criteria ontheffingsborden geplaatst op fietspaden naast wegen waarbij het rijden op de weg voor de speed pedelec onacceptabel risico oplevert.

Bij onze zuiderburen gaat het al beter. Hoewel ook daar hachelijke wegsituaties optreden zijn er met meer voortvarendheid door wegbeheerders ontheffingen voor fietspaden uitgedeeld. De wetgeving in België biedt daar ook ruimte voor. De verkopen van speed pedelecs ligt in Vlaanderen dan ook drie keer zo hoog als in Nederland.

Wegbeheerders dienen met elkaar, het ministerie en de kennis- en belangengroepen (Fietsersbond, ANWB, CROW en SWOV) om de tafel om binnen afzienbare tijd de speed pedelec van het strafbankje te halen en op het podium van de duurzame mobiliteit te hijsen. De vraagstukken die daarbij spelen zijn lastig en worden onder meer beïnvloed door de ervaringen met de brom- en snorfiets. Daarnaast is er zeer beperkte statistiek over bijvoorbeeld ongevallen waarbij speed pedelecs betrokken zijn.

Wat weten we wel van de berijders? Deze zijn voor circa 80 procent tussen de 40 en 60 jaar, veelal man (85 procent) en een structurele forens. De enkele reis naar het werk bedraagt al snel 25 km en de trend is opwaarts, afstanden van 40 km zijn geen uitzondering. De route voert voor 60 procent hoofdzakelijk door landelijk (interstedelijk) gebied en circa een derde meldt een mix van stad en buitengebied. Slechts 8 procent rijdt exclusief in de stad.

Uit eerdere metingen met kleine groepen proefpersonen is gebleken dat de gemiddelde snelheid ongeveer 29-32 km/uur is, afhankelijk van de weglocatie. Opvallend is dat iets minder dan 60 procent van de rijders zegt dat zij tussen de 40 en 45 km/uur kunnen rijden. De rest haalt dat dus structureel niet. Nog opvallender is dat, ondanks dat men sneller kan rijden, slechts 34 procent ook feitelijk 40-45 km/uur als kruissnelheid aanhoudt.

Over ongevallen is zoals gezegd geen goede statistiek bekend. Uit de media zijn in de afgelopen 3-4 jaar een aantal incidenten met dodelijke afloop bekend. Het algemene beeld is dat de speedpedelecrijder erg defensief rijdt. Uiteraard weet iedereen altijd wel een exces (‘aso rijder’) te melden.

In welke gebieden komt de speed-pedelec in problemen? In de kern van binnensteden wordt zo langzaam gereden, dat men daar redelijk kan meekomen, ook als er op de rijbaan moet worden gereden. In de buitengebieden liggen er meestal (maar niet altijd!) bromfietspaden langs doorgaande wegen met een maximum snelheid 60-80 km/uur. Het grootste probleem zijn de uitvalswegen in de steden en gemeenten. Daar wordt minstens 50 km/uur gereden op brede of tweestrookswegen met alleen een fietspad ernaast.

Om de speedpedelecrijder weer veilig te laten rijden zijn er twee oplossingsrichtingen mogelijk. Een volledige keuzevrijheid, zodat deze met een aangepaste snelheid het fietspad of de rijbaan kan kiezen. Zo wordt de flexibiliteit van deze fiets maximaal benut. De andere mogelijkheid is vorm van een ontheffingsbeleid op weggedeelten of per gemeente of regio. Over de voor- en nadelen en mogelijke toekomstige effecten, meer in de volgende bijdrage.

Klik hier voor de Facebook-groep.

Reactie plaatsen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.
mail_outline

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Ontvang één keer per week het laatste nieuws van Verkeerskunde.

* verplichte velden