Hoe we ketenmobiliteit kunnen stimuleren

dinsdag 7 juli 2020

Vier procent van de reizigers maakte in 2017 tijdens zijn reis gebruik van meer dan één vervoermiddel en het aandeel ketenverplaatsingen stijgt licht. Bij 88 procent van de ketenverplaatsingen wordt het grootste deel van de reis per ov, fiets of lopend afgelegd.

Voor ketenverplaatsingen met als hoofdvervoerwijze auto is de bijdrage aan duurzaamheid twijfelachtiger. Zij kunnen bijvoorbeeld ook een substituut zijn voor een (duurzamere) ov-reis. Maar deze groep krimpt licht ten opzichte van de ‘duurzame vervoerreizen’. Dat blijkt uit de KiM studie 'Kenmerken van veelbelovende ketens'.

Het KiM definieert ketenmobiliteit, ook multimodaliteit genoemd, als een combinatie van vervoerwijzen binnen een verplaatsing, waarbij tenminste 1 km lopen ook als vervoerwijze geldt. Een ov-verplaatsing is daarmee dus niet per definitie een ketenverplaatsing. 

Unimodaal vaak ook veelbelovend

Het stimuleren van ketenverplaatsingen hoeft volgens de studie geen doel op zich te zijn. Verplaatsingen met één duurzame vervoerwijze (unimodaal), zoals het reizen met enkel het ov, de (elektrische) fiets of lopend zijn beter voor stedelijke bereikbaarheid en duurzaamheid dan autoverplaatsing. Het hangt van de situatie af of een ketenverplaatsing of een unimodale verplaatsing het meest veelbelovend is.

Verschillende profielen

Ketenreizigers die de langste afstand met ov afleggen, hebben een duidelijk ander profiel dan autoreizigers. Ze zijn onder andere vaak jonger, hoger opgeleid en wonen vaker in stedelijk gebied en dichterbij ov-haltes. Daarnaast betreffen het vaak routinematige reizen, zoals voor woon-werk en onderwijs. Deze ketenverplaatsingen kunnen onder andere worden gestimuleerd door beschikbaarheid van ov nabij werk- en onderwijslocaties.

Bij ketenreizen met de auto als hoofdvervoerwijze, is het motief vaak het mijden van drukte in steden. Qua profiel verschillen deze reizigers verder weinig van de unimodale autoreiziger. Een manier om de kans op dit type ketenverplaatsing te vergroten, is door reizigers onderweg te informeren over de nabijheid van overstaplocaties (zoals een park and ride).

Veelbelovende ketenmobiliteit stimuleren

Naast inzet op zojuist beschreven gebruikskenmerken, kan ketenmobiliteit ook gestimuleerd worden door investeringen aan de 'aanbodskant'.  Zo is aandacht voor soepel overstappen en efficiënt voor- en natransport belangrijk: beide worden vaak gezien als barrières voor het maken van een ketenverplaatsing. 

Een uitgebreid netwerk van (ov-)overstappunten, nabijheid van ov-haltes, beschikbaarheid van deelsystemen en goede verbindingen tussen (fiets)parkeerplaatsen en ov-voorzieningen zijn voorbeelden van aspecten die het maken van ketenverplaatsingen makkelijker maken. Om dit te realiseren is afstemming tussen ov-aanbieders, gemeenten (voor het realiseren van knooppunten) en het Rijk (om overkoepelend het netwerk te faciliteren) noodzakelijk.

Download hier het onderzoek.

Geplaatst door

Reactie plaatsen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.
mail_outline

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Ontvang één keer per week het laatste nieuws van Verkeerskunde.

* verplichte velden