Steven van Eijck, ‘meester in goede werken’

woensdag 30 september 2020

Steven van Eijck, voorzitter van een vereniging die bedrijfsbelangen behartigt in een sector die min of meer de auto en andere meerwielers tot heilige koeien verheft. Klopt dit beeld wel? Want, naast deze commerciële opdracht, valt Van Eijck op als ‘meester in goede werken’. Een gesprek met Steven van Eijck over goed doen en het goede doen in de wereld van mobiliteit.

Tekst Nettie Bakker

“Weet wie je in huis haalt”, waarschuwde hij zes jaar geleden het bestuur van de RAI Vereniging, erkent Van Eijck nu lachend. En niet voor niets. Intussen is de interne structuur van de RAI Vereniging volledig op de schop gegaan: van vijf voertuiggeoriënteerde secties, naar een organisatie die maatschappelijke thema’s verder wil brengen, waaronder: veiligheid, duurzaamheid en inclusiviteit. Ook treedt de vereniging ‘met open vizier naar buiten’. Dit leidde niet alleen tot fusies met AutomotiveNL en CarrosserieNL – “samen is toch veel leuker” - maar ook tot de medeoprichting van de Mobiliteitsalliantie en ‘hartstochtelijke’ deelname van de RAI Vereniging aan de Verkeersveiligheidscoalitie. “In veel gevallen samen met ‘grote vriend’ Frits van Bruggen, hoofddirecteur van de ANWB”, zegt Van Eijck.

New Mobility Foundation

Een staaltje van maatschappelijk kunnen en durf binnen de RAI Vereniging, lijkt zijn moed om namens RAI Vereniging een kwart miljoen euro in de New Mobility Foundation te investeren. Een fonds gericht op het bestrijden van de mobiliteitsarmoede die volgens onderzoek van de Verkeersonderneming 1,8 miljoen Nederlanders ervaren. “Maar,” haast Van Eijck zich te melden, “ook de Noaber Foundation investeerde een kwart miljoen.” Het bestuur van dit fonds staat onder goed voorzitterschap van – “ook een grote vriend” – oud-ministerpresident Jan Peter Balkenende.

Organisatorische veelvraat

Van Eijcks spreektempo lijkt synchroon aan een duizelingwekkende lijst aan organisaties en samenwerkingsverbanden die hij ofwel opricht(te), actief aanstuurt, dan wel in goede handen overdraagt. Dit nog naast twee boekenplanken die hij volschreef aan wetenschappelijke fiscale literatuur en jarenlange columns over de link tussen politieke besluitvorming en de portemonnee van de burger. Zijn carrière – van financiële wetenschap, ondernemerschap, columnist, bestuurder in de gezondheidszorg tot een uitstap als partijloos staatssecretaris van Financiën in het eerste kabinet van vriend Balkende - toont volgens duizendpoot Van Eijck in grote lijnen cycli van zo’n acht jaar. Wat te doen hierna? “Geen idee”, maar overtuigd van nóg een carrièrestap: “Ik ben nu 61, dus nog 25 jaar te gaan.”

Tijdgeest

Echt persoonlijk werd Van Eijck liever niet in publicaties en in interviews, maar een gesprek over ‘het goede doen’, gecombineerd met de tijdgeest waarin met name jongeren, en zeker niet in de laatste plaats zijn drie dochters, zich ‘hoopvol’ van een minder materiële en meer maatschappelijk betrokken kant laten zien, zetten Van Eijck aan om dit gesprek vooral als mens te voeren. “‘Doe dat maar’, zei mijn jongste dochter vanochtend aan de keukentafel.” Vanwege de hitte in haar Rotterdamse appartement vluchtte zij gezellig naar haar ouderlijk huis. Dagelijks spreekt Van Eijck zijn drie, uithuizige dochters. Aan hen en aan ‘mijn Lies’ refereert hij alles, zegt Van Eijck. Hij doelt op de tijdgeest en op een toekomst die nog meer ruimte biedt voor maatschappelijke betrokkenheid en dus nog meer aandacht voor ‘het goede doen’. Want ‘meerwaarde bieden voor de mens, de aarde en de samenleving’, dat is zo ongeveer zijn definitie van ‘het goede doen’.

“Goed doen kun je meten aan omzet en winstcijfers, maar zo geredeneerd kan een drugskartel het ook goed doen. Je moet als mens en als organisatie ‘geven en nemen’ en werken aan een leefbare wereld voor je kinderen en kleinkinderen”, vat Van Eijck ‘het goede dóen’ samen. “In mijn geval moeten die kleinkinderen er dan nog wel komen”, lacht hij schalks, met een onverholen opdracht richting zijn dochters. “Maar dit terzijde”.

Een tikkie beter doen

“Dat je je werk goed doet, vind ik vanzelfsprekend”, vervolgt ‘de goede werker’. “Daarnaast wil ik ‘het goede doen in mobiliteit’. Dat betekent dat je het als vereniging bij verkeersveiligheid, duurzaamheid en inclusiviteit in ieder geval een tikkie beter doet en er een positieve bijdrage mee levert aan de samenleving. Verkeersveiligheid betekent minder verkeersslachtoffers. En dat bereik je niet alleen door goede weginrichting, maar ook door veilige voertuigen.” Op het thema duurzaamheid moeten we nog hele slagen maken om tot een schoner milieu te komen, vervolgt hij. “Onze generatie heeft op uitermate grote voet geleefd en op een onvoorstelbare manier gebruik gemaakt van grondstoffen. Wij hebben nu de plicht naar onze kinderen en kleinkinderen om daar iets aan te doen.” Het was daarbij zeker geen automatisme dat de auto-industrie vooropliep in de omschakeling op elektriciteit en waterstof, weet Van Eijck. Kijk naar de dieselschandalen. Maar, relativeert hij, “gelukkig zijn mijn leden er niet op uit om alleen maar diesel- of benzineauto’s te verkopen. Juist omdat we in Nederland geen personenauto-industrie hebben, kunnen we hier laten zien hoe je een infrastructuur ontwikkelt voor schone voertuigen.” En het belang van inclusiviteit in mobiliteit spreekt voor Van Eijck al helemaal vanzelf.

De kracht van perceptie

Een succesvolle manier om het goede te doen is ‘het omzetten van perceptie’, ervaarde Van Eijck. “Ik heb zoveel lering getrokken uit een Rotterdams project waarin Ivo Opstelten (toenmalig burgemeester - red.) en ik, toentertijd vanuit de Economic Development Board, de perceptie van ‘kutmarokkanen’ wilden omzetten in het kijken naar de kracht van jongeren.” Het leidde tot de Stichting Rotterdam European Youth Capital die Rotterdam in 2009 uitriep tot de eerste Jongerenhoofdstad van Europa. “Dat hebben ze fantastisch gedaan.” Nadat Van Eijck deze Stichting internationaal onderbracht, was het voor hem weer tijd om het los te laten en verder te kijken. Inmiddels zijn er elf Europese Jongerenhoofdsteden. Diverse allianties, kwartiermakerschappen en coalities volgden. Ondertussen telt de New Mobility Foundation alweer talloze projecten en partners. Nodig, want dit bestuur heeft als doelstelling geformuleerd om alle 1,8 miljoen mensen in Nederland te helpen die over onvoldoende mobiliteit beschikken. Deze grote groep bestaat uit politieke vluchtelingen, jongeren met angststoornissen, ouderen, mensen met een beperking en mensen die om economische redenen onvoldoende mobiel zijn. Inmiddels is er ook een New Mobility Foundation International opgericht en in Berlijn en India gelanceerd.  

Corona-impact

Mobiliteit is cruciaal voor de samenleving, zegt Van Eijck. “Het probleem is dat de politiek het geld te versnipperd uitgeeft.” Een inzicht dat aanleiding gaf om samen met medeoprichters Frits van Bruggen van de ANWB, Arthur van Dijk van TLN en Roger van Boxtel van NS vanuit de Mobiliteitsalliantie tot een Deltaplan mobiliteit te komen en dat aan te bieden aan het kabinet. Een plan waarin de consument, de burger centraal staat. Ondanks al dit goeds, weet Van Eijck als geen ander dat maatschappelijke doelen op gespannen voet kunnen staan met de bedrijfsmatige boekhouding. “Wij zijn als RAI Vereniging voor 75 procent eigenaar van de RAI Amsterdam. Denk je eens in wat de coronacrisis betekent voor de omzet van dit internationale evenementenbedrijf. De inkomsten zijn tot nul gereduceerd. Dan is het logisch dat je je allereerst focust op je eigen bedrijfsvoering.” Maar al snel wijst hij ook in dit verband op het feit dat jongeren het zwaarst getroffen worden door de coronamaatregelen en zegt: “Belangrijk is nu: hoe starten we het openbaar vervoer weer op.” Nee, ook vanuit de RAI Vereniging gezien spreekt hij niet negatief over extra focus op het openbaar vervoer. “Roger van Boxtel erkent net zo goed het belang van de auto”, benadrukt hij en concludeert: “Als het om het goede gaat, kun je elkaars concurrent niet zijn.”

 

Eerdere afleveringen van 'Het Goede Doen':

De impact van Kamerlid Wytske Postma voor een betere samenleving
De impact van Buurauto voor een betere samenleving
De impact van TU Delft voor een betere samenleving

 


Verdienste Steven van Eijck

Steven van Eijck is voorzitter RAI Vereniging en daarnaast lid van het dagelijks bestuur VNO-NCW, vicevoorzitter RvC EY, vicevoorzitter van de Maatschappelijke Alliantie, medeoprichter van de Mobiliteitsalliantie, bestuurder van de New Mobility Foundation, adviseur van vermogende particulieren binnen de filantropie en fondsen en SER-kroonlid. 

Eerder was hij wetenschapper, hoofddocent en ondernemer in de financiële dienstverleningssector, staatssecretaris van Financiën in het kabinet Balkenende I, commissaris voor het jeugd- en jongerenbeleid in Balkenende II en voorzitter van diverse adviescolleges en taskforces.

Hij verdiende sporen in de gezondheidszorg, onder meer als bestuursvoorzitter LHV en lid van het federatiebestuur KNMG. En maakte naam in de filantropie, onder meer als voorzitter van de Samenwerkende Brancheorganisaties Filantropie (SBF).

Van Eijck werd benoemd tot Officier in de Orde van Oranje- Nassau, Ridder in de Orde van het Heilig Graf en ontving de Wolfert van Borselenpenning, evenals de pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice.

Steven van Eijck, voorzitter RAI Vereniging

Reactie plaatsen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.
mail_outline

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Ontvang één keer per week het laatste nieuws van Verkeerskunde.

* verplichte velden