’s-Hertogenbosch: adaptief naar duurzame mobiliteit

vrijdag 13 maart 2020

Twee jaar geleden koos ’s-Hertogenbosch voor een innovatief mobiliteitsbeleid op basis van langjarige doelen en thema’s. Daarna is de ‘toolbox’ aan maatregelen verbreed volgens de vier-eenheid infrastructuur (hardware), technologie (software), gedrag (mindware) en samenwerking (orgware). En er is gekozen voor een adaptieve werkwijze: het uitvoeringsprogramma krijgt periodiek een check op doelen en zonodig een update. Een tussenstand.

Door Ron Bos en Annelies de Ridder, Gemeente ’s-Hertogenbosc

  •  

    In 2017 is het mobiliteitsbeleid van ’s-Hertogenbosch -de Koersnota- geactualiseerd. Toen zijn de doelen en thema’s vastgesteld waar mobiliteitsbeleid zich op richt in de gemeente. Een belangrijke innovatie hierin was de verbreding van de ‘toolbox’ aan maatregelen; waarbij de vier-eenheid infrastructuur (hardware), technologie (software), gedrag (mindware) en samenwerking (orgware) is gehanteerd. Daarbij is gekozen voor een adaptieve werkwijze: de doelen zijn langjarig vastgesteld, maar het uitvoeringsprogramma is adaptief en krijgt periodiek een update.  

     

    Een nieuwe kijk op bereikbaarheid 

    Een eerste uitwerking was de actualisatie van de ‘infrastructuurplannen’: de bereikbaarheidsstrategie. De vraag stond centraal waar welke infrastructuur nodig is, en of de infrastructuur de bouwopgaven (inbreidingsambities) aan kan. Hierin is kritisch gekeken naar het vigerende bereikbaarheidsmodel van de stad, met de zogenaamde doorstroomassen. Een belangrijk resultaat uit de studie was dat al jaren sprake is van een stabilisatie van het autoverkeer in de stad, en zelfs een afname binnen de binnenstadsring. In 2019 is daartoe een nieuwe bereikbaarheidsstrategie (inclusief agenda) vastgesteld door de gemeenteraad. Belangrijke koerswijzigingen zijn meer focus op ruimtelijke kwaliteit en de aandacht voor lopen, fietsen en deelmobiliteit, juist in een verdichte stad. Ook zijn snelfietsroutes in alle windrichtingen als (regionale) hoofdfietssassen toegevoegd. Een grote weguitbreiding in de stad (een oud plan) is geschrapt: er was onvoldoende nut en noodzaak 

    Dit bereikbaarheidsplan omhelsde de ‘fysieke’ transitie naar een duurzame stad: minder uitbreiding van infrastrctuur, meer verluwing en meer ruimte voor actief en gedeeld vervoer 

     

    Op weg naar meer duurzame mobiliteit 

    Onlangs is de tweede uitwerking vastgesteld in de vorm van het ‘Actieplan Duurzame Mobiliteit’. Het Actieplan Duurzame Mobiliteit volgt de eerdere werkwijze: de doelen en werklijnen staan voor langere tijd vast, de acties zijn meer flexibel (adaptief): we spelen steeds in op nieuwe kansen en ontwikkelingen. Juist in de wereld van ‘nieuwe mobiliteit’ doen zich steeds nieuwe ontwikkelingen voor, denk aan nieuwe mobiliteitsdiensten zuinigere voertuigen, snellere fietsen en nieuwe (landelijke) wet- en regelgeving.  

     

    Transities en duurame doelen 

    Het Actieplan Duurzame Mobiliteit zet breed in op drie transitiepaden: 

    • De mobiliteitstransitie; waarbij we inzetten op een verbreding van het palet aan duurzame mobiliteitsopties voor iedereen (meer keuzemogelijkheden). Ook is er een transitie gaande van bezit naar gebruik (denk aan deelmobiliteit en Mobiliteit als dienst).  

    • De energietransitie; waarbij we inzetten op een overgang van een (centraal georganiseerde) fossiel mobiliteitssysteem naar een mobiliteitssysteem op basis van schone vormen van energie (die decentraal opgewekt kunnen worden); 

    • De sociale transitie; waarbij we inzetten op mobiliteit voor iedereen die bijdraagt aan het kunnen verwezenlijken van persoonlijke ontwikkeling, zelfstandigheid en het behoud en versterking van de sociale cohesie in stad, dorp en wijk.  

     

    De sociale kant van mobiliteit: inclusieve mobiliteit 

    Het Actieplan werkt aan drie hoofddoelen: inclusieve mobiliteit, leefbare en gezonde mobiliteit en klimaat-& energieneutrale mobiliteit. Leefbaarheid en klimaatneutraal zijn meer vanzelfsprekende doelen als het over duurzaamheid gaat. Inclusieve mobiliteit kiest een andere invalshoek: dit gaat over meedoen en mobiliteit voor iedereen. Mobiliteit vervult immers een belangrijke rol in de samenleving: het stelt mensen in staat mee te doen, met onderwijs, werken, recreatie en sociaal contact. Met de aandacht voor inclusieve mobiliteit willen we (duurzame) mobiliteit voor iedereen in gelijke mate toegankelijk maken. Denk aan toegang tot het openbaar vervoer of Mobiliteit als Dienst (MaaS) waar door de snelle digitaliseringsgolf in de mobiliteit een ‘digitale kloof’ kan ontstaan. Ook is de vraag of elektrisch rijden op dit moment voor iedereen financieel haalbaar is. En, hoe gaan we om met bereikbaarheid in de kleineren kernen, waar de bus niet (meer) komt.  

     

    Gedrag, samenwerking, technologie en infrastructuur 2.0 

    De nadruk ligt vooral op de onderdelen technologie, gedragsbeïnvloeding en samenwerking van de toolbox. Omdat het Actieplan minder over het fysieke domein, hebben we daar de ‘nieuwe infrastructuur’ in de verkeerskunde aan toegevoegd: de digitale en elektrische infrastructuur die nodig is voor de transitie naar duurzaam en slim vervoer. Dit hebben we vertaald in vier werklijnen: 

    • Werklijn gedrag: we richten ons op mobiliteitsgedrag en de sociaalmaatschappelijke doelen van dit Actieplan. Het stimuleren staat hierin centraal.  

    • Werklijn samenwerking: we werken samen met partners oppakken, met onder meer bedrijven, vervoerders en leveranciers.  

    • Werklijn technologie: we verduurzamen door de inzet van slimme concepten, technologie en data; 

    • Werklijn infrastructuur: we werken aan de verduurzaming van infrastructuur (in de brede definitie van infrastructuur) en het realiseren van infrastructuur voor duurzame oplossingen (zoals laadpalen en fietspaden). 

     

    Deze vier werklijnen zijn vervolgens uitgewerkt in twaalf thema’s met elk concrete acties. De totale set aan acties is een samenhangend geheel dat versterkend werkt: het geheel is meer dan de som der delen. Zo is stimuleren van gedrag een bindmiddel in het hele pakket, maar is zinloos als de duurzame alternatieven niet voorhanden zijn.  

     

    Niet rekenen, maar samen doen 

    We hebben gekozen voor een actorbenadering, en niet voor een kwantitatieve benadering: het plan is grotendeels opgezet aan de hand van ideeën, energie en lessen op basis van gesprekken met andere overheden en Bossche stakeholders, bewoners en ondernemers (zie kader). Een data-analyse is hier input voor geweest, maar was geen leidend principe voor te nemen maatregelen. We volgen de energie vanuit de samenleving. Zo is de opgezette Community Duurzame Mobiliteit – zo’n twaalf Bossche bedrijven, ondernemers, onderwijsinstellingen en belangengroepen - een platform voor diverse acties uit dit plan. Ook vormt de community een marktplaats voor vraag en aanbod rondom duurzame mobiliteit, oftewel een open netwerk dat functioneert als transitiearena en kraamkamer voor duurzame mobiliteitsprojecten. 

     

    Klik hier voor het Actieprogramma Duurzame Mobiliteit 

    Klik hier voor een animatie